WOORDENBOEK

samenstelling: Henk van Putten m.m.v. Janski

 

AH-erlebnis: [zelfst.nw.] - Krachtig ingrijpen dat met één volzin aan alle spatzkiekrommunicatie rigoureus een eind maakt en voor een verrassend nieuw perspectief zorgt.
Het mailtje van Alidston vatte de discussie in een krachtige parafrase zeer kernachtig samen: 'Jongens, wat een gelul allemaal'. Vervolgens presenteerde hij zichzelf als flexibele oplossing. Deze verfrissende aanpak werd door de andere leden als een echte AH-erlebnis ervaren.

 

anti-dries: [zelfst.nw.] - uitleen-boycot (meestal van toepassing op één persoon).
Toen de voorzitter van de schaakclub bij geen der leden meer om een fiets hoefde te komen, verzocht hij op de ALV om opheffing van het algehele anti-dries dat tegen zijn persoon van kracht leek te zijn.

 

anti-Hiddo-tape: [zelfst.nw.] - verzegelend plakband ter voorkoming van ongewenst gebruik van schaakmateriaal ten behoeve van jeugdtoernooien door plaatselijke jeugdleiders.
De materiaalcommissaris van schaakclub de Spassky's liep paars aan toen hij breuklijnen constateerde in de anti-Hiddo-tape op de doos met Spassky-materiaal; zeer onhandig was getracht het stiekem openmaken van deze doos te verdoezelen. Inderdaad kwamen er even later lopers van ongelijke hoogte uit de dozen en glimmende koninginnen die zich niets aantrokken van matte koningen. Ook plakten de plastic borden aan elkaar vast door colakringen.

 

bergruimte: [zelfst.nw.] - een met het oog op rokers afgezonderd vertrek.
Tijdens het weekend werden de nicotineverslaafden verbannen naar een bergruimte in een aanpalend gedeelte van de kampeerboerderij.

 

betpeter: [zelfst.nw.] - bij het onbehoorlijke af eigenwijs individu; wijsneus.
Op het congres van vooraanstaande sterrenkundigen wekte een jonge assistent in opleiding, een echte betpeter, grote ergernis door voortdurende interrupties, waarvan de ene helft begon met "I was just wondering..." en de andere helft met "Nevertheless I guess...".

 

cobbig: [bijv.nw.] - het midden houdend tussen koppig en koddig; stug.
Ondanks de lacherige blikken van zijn clubgenoten bleef de schaker cobbig volhouden dat hij ieder willekeurig clublid met vluggertjes naar Noordwijk zou kunnen jagen.

 

driest: [bijv.nw.] - impulsief, onnadenkend en overmatig optimistisch; balorig.
Driest optreden van een van de spelers van de bezoekende schaakclub wekte zodanige ergernis dat er ondanks een verloren stelling bij de thuisspelende vereniging toch tot afbreken werd besloten en de reis Groningen - Emmen nogmaals in beide richtingen moest worden afgelegd.


gnieden: [werkw.] - onbekommerd luieren en helemaal niets hoeven; lanterfanten.
De jongeman had eigenlijk naar de spannende bergetappe willen kijken, maar al gniedend op de bank kon hij het maar niet opbrengen om zich uit te strekken naar de afstandbediening op tafel. Zo werd het een middagje MTV.

 

hamkaas: [zelfst.nw.] flauwe versnapering die met flink wat korreltjes zout genuttigd dient. Na de Nosbowedstrijd kwamen er zoveel hamkaas de wereld in dat teamleider Putski zich genoodzaakt zag om zowel bij de redactie van Unitasnieuws als bij verscheidene van zijn teamgenoten met een grote voordeelverpakking JOZO langs te gaan.

 

Hurdegaryp Headache: [zelfst. nw.] - uiterst exotisch en moeilijk hanteerbaar lettertype.
Doordat een van de stukjes voor het clubblad was opgemaakt in het "Hurdegaryp Headache"-font, was de redactie genoodzaakt weer van voren af aan te beginnen; tenslotte moest zelfs de harde schijf opnieuw worden geformatteerd.

 

koos-interruptus: [zelfst.nw.] - 1. Onverwachte stilte.
Toen het na een half uurtje stolks opeens enige tellen stil was werd er opgekeken. Een plotselinge niesbui bij de spreker bleek de oorzaak van deze koos-interruptus.
2. Onderbreking van een betoog.
Na de zoveelste koos-interruptus tijdens zijn speluitleg vroeg de spreker zichtbaar geërgerd of hij misschien één keer mocht uitpraten.

 

koosjer: [bijv.nw.] - overmatig vet (meestal in verband met voedsel), ranzig.
Door plotselinge onwelheid van twee spelers kon het team van de Spassky's maar met zes man opkomen, hetgeen onverhuld werd toegeschreven aan het nogal koosjere maal dat vooraf was genuttigd: een gefrituurd stuk zwoerd, in smeltjus rondzwemmende aardappelkroketten en witlof-met-spek.

 

koster-baten-analyse: [zelfst.nw.] - eenzijdige, ongenuanceerde visie op een gang van zaken.
Na een volkomen gelijkopgaande strijd, resulterend in een potremise ongelijke-lopers-eindspel, luidde de koster-baten-analyse van de witspeler: "Daar komt zwart goed weg."

 

kostructie: [zelfst.nw.] - wonderlijk voorstel (meestal ter oplossing van een niet of nauwelijks bestaand probleem). Tijdens de ALV vielen er weer enkele verrassende kostructies op te tekenen.

 

laan: [zelfst.nw] - tijdseenheid ter uitdrukking van de lengte van een denkpauze.
Toen de speler na bijna drie lanen nagedacht te hebben eindelijk zijn beurt uitvoerde, bleken zijn opponenten stuk voor stuk ingedommeld te zijn.

 

lichtlaan: [zelfst.nw] - onacceptabel lange denkpauze.
Een eierwekker voorkwam dat er bij het ingewikkelde spel een lichtlaan gepuzzeld zou worden op de beste zet.

 

patijanse: [zelfst.nw.] - zeer grote lankmoedigheid; engelengeduld.
Zelfs tegenstanders begonnen hun bewondering te uiten voor de patijanse die de leden van het schaakteam betoonden met hun uiterst riskant spelende clubgenoot aan bord 6.

 

raoulewapper: [zelfst.nw.] - meestal in de samenstelling help - uiterst onnozele sequentie van handelingen; blooper.
De wedstrijd was koud een paar minuten oud toen de spelers verschrikt opkeken: aan het laatste bord had de zwartspeler een enorme helpraoulewapper geproduceerd, een klassiek stikmat vormde de slotstelling.

 

rap van de alidstongriem gesneden [werkw.uitdr.] - Het nieuwe lid van
schaakclub de Spassky's bleek een nogal rap van de alidstongriem gesneden
persoon: in mum van tijd had hij tot ieders verbijstering Mr. Spassky Dries
van diens decennialange koppositie in de praatjesparade verstoten.

 

rekostructie: [zelfst.nw.] - een onder auspiciën van arbiter K. Stolk bepaald partijverloop, meestal na een wederzijdse tijdnoodfase waarin niet meer kon worden genoteerd.
De sympathieke Tsjechische grootmeester vreesde de rekostructie zo zeer dat hij zijn partij opgaf; naderhand bleek dat in gewonnen positie te zijn geweest en met ruimschoots voldoende zetten gespeeld.

 

rolf: [zelfst.nw.] - alleen in de uitdrukking een rolf in schaapskleren -
De schijnbaar vriendelijke interviewer bleek een echte rolf in schaapskleren: hij verdraaide de woorden van de sympathieke jongeman zodanig dat het leek alsof deze baarlijke nonsens had uitgekraamd.

 

shjansen: [werkw.] - vergroten van de toevalsfactor (meestal onbewust); met vuur spelen.
De speler aan bord zes bleef maar shjansen. Voortdurend zette hij het spel op de wagen, waardoor beurtelings wit en zwart gewonnen kwamen te staan.

 

spassken: [werkw.] - aan de zegekar binden; aan het spit rijgen; het nakijken geven.
Diverse teams die uit op papier sterke spelers bestonden hadden niets in te brengen tijdens het snelschaaktoernooi. Ze werden stuk voor stuk op yskoude wijze gespasskt. Misnoegend keken ze toe hoe het team van betpeters, cobbige en drieste lieden met veel stolks en zonder een laan na te denken op het erepodium eindigde.

 

spatzkiekrommunicatie: [zelfst.nw.] - multi-interpretabele, informatief bedoelde doch volkomen ondoorgrondelijke boodschap, waarbij aan de zenderzijde de stellige overtuiging ontstaat dat alles kraakhelder en in kannen en kruiken is, echter die aan de ontvangerkant slechts tot misverstanden, raadsels en zelftwijfel leidt.
Het mailtje van Maurits was een fraai staaltje spatzkiekrommunicatie: het maakte wel duidelijk dat er binnenkort een bekerwedstrijd zou zijn, maar onder het mom van een 'geheime opstelling' bleef in het midden wie van de twaalf leden hij hiervoor wenste op te trommelen...

 

stolken: [werkw.] iemand hinderlijk achtervolgen met grapjes.
De achtstebordspeler werd dubbel gestraft: nadat hij door een ongelukje binnen een uur was matgezet, bleef een stolkende teamgenoot hem aan zijn stommiteit herinneren.

 

stolks: [zelfst.nw.] - niet aflatende maalstroom van koeterwaals, apekool en lariekoek; gewauwel.
De meeste mensen moeten even met een aspirientje op bed gaan liggen als er een half uur lang stolks in hun oren is getoeterd.

 

thalen: [werkw.] - onstopbaar verlangen naar alcoholische versnaperingen
De speler aan bord 6 was thalende, hij bracht meer tijd aan de bar door dan aan zijn bord.

 

tussenthalenserating: [zelfst.nw.] - realtime schaakrating waaraan geen enkel gegeven ontsnapt.
De opstelling van de schaakvereniging wijzigde bijna om de 5 minuten, doordat iedere partij door een overactieve ratingcommissaris a tempo werd verwerkt. Wie een potje schaak op een vlooienmarkt speelde kon de consequenties voor de tussenthalenserating nog dezelfde avond op internet zien.

 

verjanselen: [werkw.] - op onnavolgbare wijze wegblunderen; verprutsen.
Het was vreselijk. Al na tien minuten had de speler aan bord 5 twee lopers en een toren verjanseld.

 

Yskoud: [bijv. nw.] - getuigend van diep inzicht; koel en berekenend; gereserveerd. Onze speler aan bord 6 serveerde na een zorgvuldig opgebouwde partij de tegenstander op yskoude wijze af. "Ik stond wel goed", was zijn commentaar na afloop.

 

 

APOCRIEF:

 

JM-er: [zelfst.nw] - zeilboot gebruikt voor illegaal gokken in binnenwateren.
Toen de JM-er de boei rondde, vlogen de fiches in de rondte.

 

plagiansen: [werkw.] - zonder toestemming voortborduren op andersmans ideeën.
Het stukje van Henk voor het clubblad was een fraai staaltje plagiansen.

 

Russische raoulette: [zelfst.nw] - het zonder voorbehoedsmiddelen bedrijven van de liefde.
Russische raoulette leidde ertoe, dat er wederom een dochter geboren werd.

 

zandhappen: [werkw.] (oorspronkelijk gelieerd aan het spel Amon-Ra): een combinatie van in het stof bijten en naar adem happend woorden moeten inslikken.

Nadat Maurits in een drieste bui Alidston tot tweemaal toe had geprovoceerd door te beweren hem te zullen afdrogen in het bewuste spelletje, werden de zaken alras rechtgezetj: Alidston werd met afstand eerste en Maurits moest op plaats 4 zandhappen in de woestijnen van Amon-Ra.